Trend: Zeven zonden

Zeven zonden - Hoogmoed

Gaat kennis gebukt onder hoogmoed? Vanuit het kloppend hart van de wetenschappelijke kennisontwikkeling onderzoeken we deze vraag met Corien Prins (WRR) en Barend van der Meulen (Universiteit Twente).

Vroeger was de heersende gedachte in het kennislandschap: “wij kunnen alles oplossen, als we het maar begrijpen. Er komt een moment dat we alles begrijpen en dan kunnen we alles oplossen.” Maar niets blijft zoals het was. Iets van hoogmoed kunnen we in die denkwijze wel bespeuren. Maar hoe ziet kennis er in de toekomst eigenlijk uit? De hedendaagse samenleving vraagt continu om uitleg. Kennis wordt niet vanzelfsprekend meer als kennis gezien. Dus moeten wetenschappers meer verantwoording afleggen. En zoeken naar de hedendaagse en toekomstige rol van kennis voor de samenleving en hoe die twee dichter bij elkaar kunnen komen.   

Samen met Corien Prins en Barend van der Meulen nemen we een kijkje in de toekomst van kennis in een veranderende Brabantse samenleving. We leggen hen allebei een stelling uit eigen koker voor én zij reflecteren allebei op een aantal prikkelende stellingen van kennisgenoten, waaronder Bas Heijne, Sander Dekker en Bart Brouwers.

Corien Prins is voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) en als hoogleraar Recht en Informatisering verbonden aan de Tilburg Law School van Tilburg University. Verder is ze lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW), de Sociaal Wetenschappelijke Raad (SWR) en de Raad van Toezicht van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Corien heeft vooral veel expertise op het gebied van de juridische aspecten van informatisering.

Barend van der Meulen is hoogleraar Institutionele Aspecten van (Hoger) Onderwijs en directeur van Center for Higher Education Policy Studies (CHEPS) aan de Universiteit Twente. Eerder werkte hij als Hoofd Onderzoek bij het Rathenau in Den Haag en als bijzonder hoogleraar Kennis voor Wetenschapsbeleid bij het Centre for Science and Technology Studies (CWTS) aan de Universiteit Leiden. Barend onderzocht onder meer de relatie tussen overheden en universiteiten en de toekomst van universiteiten. Hij houdt zich voornamelijk bezig met digitalisering van hoger onderwijs, hogeronderwijsbeleid en de relatie tussen kennis en beleid. 


KENNIS IS ONDERGESCHIKT AAN DE BELEVING - Schrijver Bas Heijne

Corien:  
“Ik denk dat Bas hiermee bedoelt: Jongens, pas op dat we niet te veel meegaan met de emotie, want hoe representatief zijn we dan eigenlijk nog bezig? Emotie speelt een steeds grotere rol in het politieke debat. Als ik lees '...op Twitter wordt gezegd...', vraag ik me af hoeveel mensen dat daadwerkelijk hebben gezegd. Is Twitter representatief voor wat onze samenleving vindt? Zijn de gevoelens op social media de gevoelens van de samenleving? Dat lijkt me niet op voorhand altijd het geval. Bestuurders mogen signalen uit de samenleving niet negeren, maar moeten zich wel blijven afvragen of deze signalen representatief zijn. Wie inspeelt op angst in de samenleving, dit gebruikt als politiek instrument, moet zich achter de oren krabben. Als bestuurder heb je de verantwoordelijkheid om na te gaan: Wat betekent deze emotie precies? Moeten we ons zorgen maken over deze ontwikkeling? Is het een trend die verder toeneemt of is het alleen iets van vandaag?”

Corien: Wie inspeelt op angst in de samenleving – emotie als politiek instrument gebruikt – moet zich achter de oren krabben.

Barend: 
“Ons leven is zó gestructureerd rond kennis, dat we het bijna niet meer herkennen als kennis. Het voelt dan vaak als beleving. Als je over een brug rijdt, doe je dat met veel vertrouwen. Dat is beleving, kun je zeggen. Maar dat vertrouwen is ontstaan door kennis. Je weet dat het veilig is, omdat zo’n brug getest is. Om dezelfde reden stap je in de auto, in het vliegtuig. In ons dagelijks leven ligt de nadruk veel meer op beleving dan op expliciete kennis. Zelfs de astronoom die met zijn geliefde naar de ondergaande zon kijkt, geniet van de beleving. Die zegt niet: De zon gaat eigenlijk niet onder, want de zon draait niet om de aarde.

Barend: Ons leven is zó gestructureerd rond kennis, dat we het bijna niet meer herkennen als kennis.

KENNIS IS KWETSBAAR - Hoogleraar journalistiek Bart Brouwers

Corien:  “Ja, kennis is kwetsbaarder geworden. De autoriteit staat namelijk meer ter discussie. Vroeger was het: Ik heb het gezegd als hoogleraar, dus dan is het zo.Maar tegenwoordig vraagt de samenleving terecht om uitleg, waardoor wetenschappers meer verantwoording moeten afleggen en het debat moeten aangaan. Als we dat als wetenschappers onvoldoende doen, maken we kennis zélf ook kwetsbaar. We hebben er dus invloed op, door ons niet langer ouderwets te blijven opstellen met ons 'geloof me nou maar'.”

“De wetenschapper moet zich dus actiever opstellen, ook om de kloof tussen wetenschap en beleid te verkleinen. Het valt me op dat de departementen in Den Haag het lastig vinden om de juiste kennis bij universiteiten op te halen. Universiteiten mogen zelf ook meer hun best doen om datgene wat ze hebben onderzocht – gefinancierd uit publieke middelen – over te dragen. Maar het blijft ingewikkeld, omdat we elkaars taal niet altijd direct verstaan. Er zijn mensen nodig die beide werelden begrijpen, vertalers die de brug tussen wetenschap en beleid kunnen slaan.”

Corien: Er zijn mensen nodig die de brug slaan tussen wetenschap en beleid.

Barend: 
“Kwetsbaar is niet helemaal de juiste term. Ik vind wél dat wetenschappers beter moeten nadenken over wanneer iets kennis is. Er wordt soms te gemakkelijk over gedaan: je hebt iets onderzocht en daarmee is iets kennis. Je ziet wetenschappers na één onderzoek al naar de pers lopen, terwijl het dan nog maar een hypothese of een eerste kennisclaim is. Resultaten worden ook te snel veralgemeniseerd:  het gebeurde in mijn laboratorium, dus het zal in de rest van de samenleving ook wel gebeuren. Dat is nog maar de vraag. Er is al zoveel kennis aanwezig in onze samenleving, die van groot belang is voor het functioneren van onze maatschappij, dat we niet te gemakkelijk iets als nieuwe en richtinggevende kennis mogen verklaren.” 

Barend: We mogen niet te gemakkelijk iets als kennis verklaren. 

“Aan de andere kant: als we zeggen dat iets écht kennis is, dan moeten we er ook zorgvuldig mee omgaan. Ik erger me aan de berichten dat ministeries onderzoeksresultaten soms verdraaien. Dat hoor je niet te doen. Je hoeft niet per se iets met het rapport of het advies te doen, maar je mag er ook niet mee zitten klooien. Dat lijkt steeds meer te gebeuren. Ik denk dat er vanuit ministeries voortaan een sterkere neiging bestaat om de minister uit de wind te houden, vooral positief nieuws te brengen en de lange termijn waarde van kennis te veronachtzamen.” 

KENNIS IS MACHT - filosoof Francis Bacon


Corien: 
“Onder invloed van informatietechnologie lijkt deze stelling zeker nog op te gaan. Maar met big data genereren we géén kennis, maar data-informatiekennis. Daarmee wordt de burger bijvoorbeeld in een hokje geplaatst. We hebben alleen geen idee hoe men tot dat hokje is gekomen. We begrijpen niet hoe die zelflerende systemen redeneren en hebben er dus ook niets over te zeggen. Als ik voor mijn gevoel niet in dat hokje thuishoor, moet ik dat gaan bewijzen. Het systeem heeft in feite dus meer recht van spreken. Degene die het systeem in handen heeft, de zogenaamde kennis, heeft daarmee de macht. Macht is trouwens niet per definitie iets negatiefs. Macht heeft altijd bestaan. Het is nodig om de samenleving te ordenen. Maar als macht misbruikt wordt, mensen in een bepaalde hoek drukt en tot grote verschillen in de samenleving leidt, moeten we er iets tegen doen.” 

Corien: Degene die het systeem in handen heeft, de zogenaamde kennis, heeft tegenwoordig de macht. 

“Hoewel ik technologie kritisch benader, zie ik absoluut ook voordelen. Technologie biedt kansen, bijvoorbeeld in de strijd tegen criminaliteit. De wereld is veranderd. Criminaliteit is voortaan vertakt en verweven met verschillende spelers. Je aanpak moet dus ook verweven zijn door verschillende systemen met elkaar te combineren en data bij elkaar te brengen. Intussen moeten we misbruik van data zien te voorkomen, onder meer door informatietechnologie transparanter te maken. Degene die het systeem in handen heeft, moet meer verantwoording afleggen.” 

 
Barend:  
“Grappig, deze stelling hing jaren aan mijn deur bij het Rathenau Instituut. Het is zeker waar dat de hoogleraar met veel aanzien een streepje voor heeft als hij met wetenschappelijk onderzoek komt. Maar geld is ook macht. En degene die charisma, stemmen en de publieke opinie mee heeft, is ook machtig. Maar het biedt allemaal geen garanties. Denk aan het RIVM dat, als onderdeel van de kennismachines, altijd direct werd geloofd. Maar dan komt het RIVM ineens in discussies terecht over vaccinaties, kunstgraskorrels en stikstofcijfers. Opeens roept iemand van buiten: Hé, jullie onderzoek klopt niet. Een interessant verschijnsel, want wetenschappelijke instanties zijn dat niet gewend. Wetenschappers zijn wel gewend om kennis te delen, niet om betrokken te raken bij maatschappelijke vraagstukken.”   

Barend: De wetenschap is gewend om kennis te delen, niet om betrokken te raken bij maatschappelijke vraagstukken.

“Regelmatig krijgen wetenschappers te horen dat ze data moeten delen. Maar zo eenvoudig is het niet. Ik ben opgegroeid met de wetenschapssociologie van Bruno Latour. Hij sprak over the black box. Een uitspraak van het RIVM over stikstof was zo’n black box, waarachter een hele wereld schuilgaat van statistiek, meetapparatuur, benaderingen, aannames en competenties. Zolang de black box gesloten bleef, werden metingen als feiten geaccepteerd. Maar de boeren hebben nu de black box geopend en ontdekten de chaos achter de meting. Ze halen er een stukje uit en vragen: Wat is dit? Het RIVM: Dat is een benadering, onzekerheid. Boeren: Onzekerheid, maar het was toch een feit? Het RIVM: Ja, stop het maar gauw weer terug. Pas nu de boeren in de black box hebben kunnen kijken en rekenen, kan die weer gesloten worden."  

Barend: Zolang de black box gesloten blijft, worden metingen als feiten geaccepteerd.   

Er zijn steeds meer mensen die toegang hebben tot stukjes kennis in de black box. Dat heeft te maken met digitalisering, maar ook met de toename van hogeropgeleiden die claimen dat ze óók bepaalde expertise hebben. De wetenschappelijke dynamiek – de wetenschapper die de wereld vertelt wat de uitkomst is van een onderzoek – verandert daarmee. Wetenschappelijke kennis wordt niet meer vanzelfsprekend voor waar aangenomen. Dat is meteen een mooie link naar hoogmoed. Hoogmoed in de wetenschap was altijd de gedachte: wij lossen alle problemen op. Dat schept hoge verwachtingen, die wetenschappers steeds minder makkelijk kunnen waarmaken door de kritische blik van buitenaf.  

Barend: Hoogmoed in de wetenschap is de gedachte: wij lossen alle problemen op.

“In de wetenschap is geïnstitutionaliseerd dat we op een gegeven moment dingen als waar aannemen. Als wij iets met zekerheid weten, zeggen we: Dit is waar. Als boeren, actievoerders, beleidsmakers en bedrijven vervolgens roepen dat het niet waar is, past dat niet in ons idee hoe feiten tot stand komen. Wat we zien is dat het waar worden van feiten afhankelijker wordt van het opnemen van die feiten in de praktijk.”      

KENNIS IS PAS KENNIS ALS ZE GEDEELD WORDT - minister en voormalig staatssecretaris OCW Sander Dekker

Barend: 
“Het idee dat wetenschappers kennis moeten delen, omdat ze een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebben, deel ik geheel. Kennis heeft een maatschappelijke rol, waar je je niet aan mag onttrekken.” 

Barend: Kennis heeft een maatschappelijke rol, waar je je niet aan mag onttrekken.

Corien: 
“Daar ben ik het niet helemaal mee eens. Vanzelfsprekend is het einddoel dat kennis gedeeld wordt – een wetenschapper mag kennis nooit voor zich houden – maar we hebben tijd nodig. Wetenschappers zijn geen consultants. Dat moet je respecteren. Als wetenschapper moet je de ruimte krijgen om binnen de academische muren nog eens drie keer extra over je materie na te denken, voordat je het naar buiten brengt. Dat betekent niet dat kennis dan nog geen kennis is. Als je een ontdekking te snel communiceert en uiteindelijk moet terugkrabbelen, dan wordt de wetenschap meteen als onbetrouwbaar bestempeld.”  

“Bij jonge wetenschappers is een ratrace ontstaan, een toenemende druk om te publiceren. Dit komt voort uit een internationale dynamiek en is dus moeilijk te veranderen. Toch moeten we hier afspraken over maken. Wetenschappelijke integriteit betekent dat je op een verantwoorde manier met kennis omgaat. Stuur geen halve brokstukken de wereld in om te scoren. Houd de kennis liever nog even voor jezelf of binnen de wetenschappelijke community, tot het juiste moment is aangebroken om te publiceren.”     

Corien: Bij jonge wetenschappers is een ratrace ontstaan, een toenemende druk om te publiceren.

Wat is de waarde van kennis in onze veranderende samenleving? Om deze vraag te beantwoorden, wil ik eerst onderscheid maken tussen data, informatie en kennis. Data zijn een soort grondstof. Vroeger verkregen we data door klassiek het gesprek met elkaar aan te gaan en informatie uit te wisselen. Tegenwoordig ontstaat data ook met behulp van informatietechnologie. Vervolgens kom je met data tot informatie, wat tevens door systemen gegenereerd kan worden. Maar om tot kennis te komen, heb je meer nodig. Je moet nadenken over de context, over je historie, over waar je naartoe wilt, over je normen en waarden, over hoe je met concrete uitdagingen wilt omgaan. Kennis kan nooit zonder die brede, additionele setting. Dus als we het hebben over het belang van kennis voor Brabant, dan moeten we niet alleen data verzamelen, maar ook kijken wat nog meer nodig is. Denk aan criminaliteit. Om hierbij van data tot kennis te komen, moet je jezelf vragen stellen: Wat is de rol van regulering? Wat is überhaupt het effect van wetgeving? Mogen we, ethisch gezien, alle gegevens gebruiken om criminelen op te sporen? Informatietechnologie genereert veel data, waar we verantwoord mee moeten omgaan. Als we data ondoordacht gebruiken, kunnen de risico’s aanzienlijk zijn.” 

Corien: Als we data ondoordacht gebruiken, kunnen de risico’s aanzienlijk zijn.

KENNIS IS VERANTWOORDELIJKHEID - Corien Prins

Deze uitspraak beoordeel ik vanuit technologie. We zijn soms te naïef als het gaat om technologie. Mensen zeggen: Maak je niet druk, het loopt niet zo’n vaart. Technologie vindt altijd wel een manier om aan te sluiten bij onze menselijke capaciteiten.Dat klopt, maar intussen gaat het al sluipend door. Net als de bosbranden in Australië, op een gegeven moment krijg je het niet meer teruggedraaid. We moeten dus alert blijven en op tijd aan de knopjes draaien. Technologie is niet deterministisch, in de zin dat technologie álles bepaalt, maar als mens kunnen we technologie ook niet compleet beïnvloeden. Het gaat om de juiste wisselwerking. En deze wisselwerking, de mate waarop je als mens nog invloed hebt, is afhankelijk van het moment waarop we de technologische ontwikkeling sturen. Kortom, we mogen niet achteroverleunen.”     

“Het instituut wetenschap, het instituut rechtspraak, het instituut overheid, etc.: ze hebben ieder een verantwoordelijk. Een verantwoordelijkheid in het nadenken over de normen en waarden van onze samenleving. Zorgverzekeraars combineren bijvoorbeeld data over declaratiegedrag met gegevens over Alzheimer uit ziekenhuizen, om belangrijke aanknopingspunten te vinden. Een prachtig onderzoek op meta-niveau. De vraag is of je dit ook wilt individualiseren:U heeft zoveel kans dat u binnen zoveel jaar Alzheimer ontwikkelt. Mogen we deze vraag stellen? Willen we het antwoord überhaupt weten? Wat doet dat met je? Technologie biedt volop kansen, maar wat wil je er als samenleving mee? Er bestaat ook zoiets als overvloed aan kennis, dat we erin verzuipen. We kunnen de waarde van kennis dan niet goed meer duiden.”  

Corien: Er bestaat ook zoiets als overvloed aan kennis, dat we erin verzuipen. We kunnen de waarde van kennis dan niet goed meer duiden.  

Kun je als wetenschapper – of als voorzitter van de WRR – adviseren zonder morele stellingname? 
We staan hier als WRR regelmatig bij stil, maar ik kan er geen eenduidig antwoord op geven. Wat wij als WRR doen bij de benadering van vraagstukken, is een stip op de horizon zetten. We hebben daarbij ruime aandacht voor een aantal waarden in de Nederlandse samenleving. Zo bestaat in Nederland de traditie om goed voor mensen te zorgen zoals via talloze sociale voorzieningen. Dat is een moreel standpunt van hoe onze samenleving eruitziet, wat door de eeuwen heen zo is ontstaan. Wat wij daarna als WRR doen, is een ontwikkeling vanuit dat morele standpunt (wat dus niet óns morele standpunt is, maar een morele traditie) benaderen. Dit geeft je een duidelijk kader, waarbinnen je gaat nadenken over de stappen die je wilt zetten richting die stip op de horizon.” 

“Je kunt niet toekomstdenken zonder terug te kijken. De toekomst is nooit leeg. De toekomst is deels gevuld, omdat je vanuit het verleden de toekomst instapt. Neem die bagage mee. Als je wilt weten wat Brabant nodig heeft aan kennis en beleid, dan moet je terugkijken: Wat is Brabant? Waar staat Brabant voor? Wat is eigen aan Brabant? Hoe verhoudt Brabant zich tot de rest van het land, tot Europa? Met deze ingrediënten ontstaat een moreel oordeel over Brabant. Niet bedacht door de provincie, maar ontstaan door hoe de samenleving zich heeft ontwikkeld.”  

Corien: De toekomst is nooit leeg. De toekomst is deels gevuld, omdat je vanuit het verleden de toekomst instapt. Brabant, neem die bagage mee.

KENNIS IS NIET ALLEEN VAN DE UNIVERSITEITEN - Barend van der Meulen 

“Ian Hacking, een wetenschapsfilosoof die ik zeer bewonder, zegt: Wetenschappelijke kennis is kennis over het laboratorium. Wanneer er binnen de universiteit kennis wordt gecreëerd, gaat dat meestal alleen nog maar over de realiteit binnen de academische muren. Er is nog veel nodig om die kennis uit het lab te krijgen, om het daarbuiten te laten werken. De wetenschapper die claimt Als je precies doet wat wij in het laboratorium hebben gedaan, dan komt het wel goed, begrijpt niet wat kennis is in de breedste zin van het woord.” 

Ian Hacking: Wetenschappelijke kennis is kennis over het laboratorium. 

“Wetenschap is veel breder dan wat er op de universiteiten gebeurt. Maatschappelijk gezien vindt wetenschap ook plaats in overheidslaboratoria of in de medische- of ingenieurswereld, waar kennis wordt omgevormd tot nieuwe protocollen, standaarden of manieren van werken. Op die plekken wordt kennis waar. Ik waarschuw daarom regelmatig tegen versmalling van het wetenschapsbeleid tot universiteiten en ministeries.” 

Wat is de toekomst van kennis in Brabant?  “Ik heb grote moeite met de regionalisering van het kennisbeleid. Daarmee suggereer je namelijk dat alle kennisopgaven regionale problemen zijn. En dat Brainport alleen van Brabant is. Dat is helemaal niet zo. Net zomin als de haven van Rotterdam is, Wageningen University van Wageningen is én Schiphol van Amsterdam is. Deze plekken hebben een veel grotere functie, voor een veel groter gebied. Het is toch vreemd dat we te maken hebben met globalisering en met een mondiale dynamiek als het gaat om wetenschap en technologie, maar dat we de organisatie daarvan overlaten aan regionale overheden?” 

Barend: Ik verzet me tegen de regionalisering van het kennisbeleid. 

“Het maatwerk dat Brainport nodig heeft, komt niet alleen uit Brabant, maar uit het hele land, uit heel Europa. Bij Brainport horen nationale topsectoren. Daarbij hoort dus ook een internationale focus, met bedrijven en kenniswerkers uit de hele Europese Unie. Zo maak je van Brainport een kenniscentrum op Europees niveau, een Europese attractor.” 

Waar moeten we voor waken als het gaat om de toekomst van kennis?  “Wat mij enorm fascineert is de relatie tussen hoger onderwijs en digitalisering. Met digitalisering ontstaan nieuwe vormen van hoe wij kennis produceren en legitimeren. Kennisproductie gericht op big data, data science, heeft invloed op de besluitvorming. En daarmee ontstaan belangrijke vragen: Hoe moeten we data gebruiken? Bepalen data voortaan onze feiten? Accepteren we dat? In wat voor samenleving willen we leven? We zijn eigenlijk op zoek naar een nieuwe, verantwoorde black box.”  

“In die zoektocht moeten we oppassen voor de hoogmoed van kennis. Denk aan SyRI [Systeem Risico Indicatie, ontworpen door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om met behulp van data fraude bij burgers op te sporen, red.]. Dit is een zorgwekkend systeem: het kan de maatschappelijke orde totaal veranderen, terwijl de overheid daar juist verantwoordelijk voor is. Hier zie je de hoogmoed van kennis terug. De overheid zegt: Met dit systeem kunnen we precies zien wie wel en niet deugt. Maar de overheid mag dit helemaal niet als een feit beschouwen in haar beleid. Hoogmoed van kennis kan dus gevaarlijk zijn. Er is bescheidenheid nodig in de wetenschap. Een wetenschapper hoort altijd te zeggen: Ja maar, wacht eens even …”   

Barend: Hoogmoed van kennis kan gevaarlijk zijn. Een wetenschapper hoort altijd te zeggen: Ja maar, wacht eens even … 

Hoe ziet kennis er uit in de toekomst?

Corien Prins en Barend van der Meulen hebben hun licht laten schijnen op hoe zij kennis zien en hoe zij denken dat kennis in de toekomst een waardevolle bijdrage kan leveren. Een bepalende factor hierbij is op welke wijze de wetenschap in staat is resultaten toegankelijk te maken voor een breder publiek.  

Tijd om de balans op te maken: heeft kennis last van hoogmoed? Wel als zij een ‘winner take all’ mentaliteit aanneemt: we kunnen alle problemen oplossen zonder dat het een ten koste gaat van het ander en we ervoor moeten veranderen. Maar is hoogmoed niet alom in onze maatschappij aanwezig? Is het feit dat we graag vlees willen eten, naar Bali willen en op wintersport, maar ook een gezond milieu, niet ook hoogmoedig?   

Hoe ziet kennis er uit in de toekomst? We zullen in ieder geval kritischer moeten kijken naar de criteria die bepalen welke kennis ‘waar’ en ‘onwaar’ is en hierbij andere afwegingen en meningen meenemen. Wat kunnen we leren van bijvoorbeeld de kijk op de werkelijkheid van de maker van een bron van ‘fake news’?   

Omdat technologie een grote rol gaat spelen is het waardevol om goed na te denken in hoeverre we het vergaren van kennis aan intelligente systemen moeten en willen overlaten. Ten slotte mag ook de balans tussen ratio en emotie in de toekomst opnieuw worden opgemaakt: welke rol mag emotie en onderbuikgevoel spelen als raadgever? Is het niet heerlijk onszelf af en toe eens toe te staan het niet altijd te (willen) hoeven begrijpen?

Tekstschrijver

Sara de Kort

Sara de Kort

Sara is een ervaren copywriter voor online en offline media. Ze schrijft creatieve teksten die raken en binden.

Bekijk event